In Noord-India legden we zo’n 25 km per uur af, de afstand die een karavaan vroeger per dag aflegde. In Kirgizie ging het al wat sneller (zo’n 40 per uur), maar in Oezbekistan gaan de kilometers als een dolle (zeker zo’n 60 per uur).
In Noord-India legden we zo’n 25 km per uur af, de afstand die een karavaan vroeger per dag aflegde. In Kirgizie ging het al wat sneller (zo’n 40 per uur), maar in Oezbekistan gaan de kilometers als een dolle (zeker zo’n 60 per uur).
Toen Alexander de Grote op de terugreis was (van de Zijderoute) naar Griekenland, nam hij walnoten mee uit het Kirgizische Arslanbob. En zo is de walnoot naar Europa gekomen. Arslanbob heeft nog steeds het grootste walnotenbos ter wereld, 60.000 hectare.Dat wilden wij wel eens zien.
Het dorpje is een Oezbeekse enclave in Kirgizie, zo’n 40 kilometer van de grens.
Sinds de onafhankelijkheid in 1991 beroept de regering zich op oude tradities en legenden. De belangrijkste is het epos ‘Manas’.
Tot eind november hebben Arslanbobbers tijd om zich winterklaar te maken, want daarna ligt er maandenlang sneeuw en kunnen ze weinig meer doen dan in huis zitten en eindeloos thee drinken. Een van de zaken die voorradig moeten zijn is hout. De (sovjet)tijden dat kolen en gas aan huis gebracht werden zijn voorgoed voorbij.
Kort verslag van dag 1 van de lichte, tweedaagse trekking vanuit Arslanbob door walnotenbossen naar de grote waterval – samen met Australische Flip, een gezellige beroepreizigster vol hilarische verhalen, en Almaz, de gids. Kokkie spreekt geen Engels, maar maakt een goeie lunch.
Langs de centrale boulevard in Bishkek hangt een expositie van de Franse fotograaf Yann Arthus-Bertrand die over de hele wereld luchtfoto’s heeft gemaakt, en vanuit een helicopter de meest prachtige natuurverschijnselen heeft vastgelegd.
Interessant is dat in Centraal Azie landsgrenzen nooit bepalend zijn geweest, het gebied was altijd een groot geheel waarin landschappen de natuurlijke grenzen vormden, zoals woestijn, bergketens en steppes. Extreme landschappen die respect afdwingen van de bewoners.
Vrijwel niemand reisde vroeger de Zijderoute in z’n geheel; iedereen had zo z’n traject dat hij door en door kende. Uitzondering vormden de ontdekkingsreizigers, zoals Nickolay Przhavalksky (1839-1885). Deze Rus wilde eigenlijk in Afrika reizen, maar daarvoor had hij geen geld. Toen werd het Centraal Azie, het onbekende achterland van Moskou. Zijn doel: als eerste Llasa (Tibet) bereiken.
In Noord-India legden we zo’n 25 km per uur af, de afstand die een karavaan vroeger per dag aflegde. In Kirgizie ging het al wat sneller (zo’n 40 per uur), maar in Oezbekistan gaan de kilometers als een dolle (zeker zo’n 60 per uur).
Kirgizie is lang verboden terrein geweest voor westerlingen, omdat het een testzone was voor het leger van de Sovjet Unie.